Hoe is Rome ontstaan?

Hier. Hier gaan we de stad stichten. Nee, hier, waar ik sta. Hier. Nee, hier! Hier. Nee, hier! Hier! Hieeeeeer! Weet je, Romulus. He. Gewoon allebei. Hier en daar en daar. En daar. Maar ook daar. En daar en daar. Wie weet wordt het wel een wereldstad. Een miljoenenstad. Ja. Met een metro. En een vliegveld. En een voetbalstadion! Ja, een arena. Ja! En heel veel toeristen. Ja. Maar hoe noemen wij die stad? Nou, ik weet wel een leuke naam. O ja? Ja. Wat dacht jij... van Rome? Rome. Rome. Maar dat is genoemd naar jou, Romulus. Naar jou. Is het weer niet goed? Nee! Ik dacht aan: Reme. Naar mij. Remus. Reme, dat klinkt toch niet? Alle wegen leiden naar Reme? Het Remeinse Rijk? Het tv-programma Welkom bij de Remeinen? Het klinkt niet! Ik vind van wel. Ik vind van niet. En ik word koning! Dus de stad moet naar mij heten. Wat een onzin! Waarom? Ik heb vanmorgen een teken gehad. Een teken, ja hoor. Ja, een teken dat ik koning moet worden. Ik zag vanmorgen namelijk zes gieren vliegen. Kan maar EEN ding betekenen: Dat ik koning word. O ja joh? Nou, ik had ook een teken vanmorgen. Ik zag namelijk twaalf gieren. Ja, twee keer zes gieren. Dat betekent volgens de zieners dat ik koning word. Hahaha! Nee, ik.Ik!Ik!Ik!Ik!Iiiik! ome! Rome! Ik! Rome! Reme! Woooh! Remus? Remus! Remus! Gaat het? Remus!