Hoe slapen bergbeklimmers?
Sorry ik, ik vind het goed zo. Laat me maar weer zakken. Prima, ik laat je zakken. Rob, jij bent kliminstructeur in deze klimhal. Maar je geeft ook les over hoe je moet klimmen in de wilde natuur. Dat klopt. Je kan buiten in de natuur rotsklimmen en daarnaast kan je ook nog ijsklimmen. En dan heb je inderdaad ijzers onder je voeten en heb je ijsbijlen heb je in je hand en je kan ook nog alpienklimmen. Dan ga je nog verder de hoogte in. Ja, de hoogte in, sommige van die bergen zijn echt gigantisch hoog. Dan ben je niet voor het donker thuis denk ik. Nee, dat klopt. Dat noemen ze inderdaad big wall klimmen. Big wall betekent letterlijk grote wand en dan doe je er meerdere dagen over om zo'n beklimming te doen. Hoe slaap je dan? Op een bed. Hoe dan? Je slaapt dan op een speciaal bed. Dat noemen ze een portaledge. En die hang je dan vervolgens op aan een haak of aan touwen. Dus dan hang je aan dit soort dunne touwtjes bungelend in een bedje op echt een paar honderd meter hoogte. Ja, dat klopt want je moet wel uitgerust zijn om de volgende dag verder te kunnen klimmen. Dit lijkt mij echt doodeng. Ja, ik heb op vakantie natuurlijk ook wel eens een tentje opgezet, maar hoe doe je dat met zo'n portaledge? Ja, dan is het wel een stuk ingewikkelder, want je moet die portaledge moet je dus hangend aan de wand, moet je die opzetten. Ja, dit is hem he? Ja, klopt ja. Maar ik zie ook nog allemaal andere spullen. Ja, ja. Je probeert daarnaast zo min mogelijk mee te nemen dat allemaal zo licht mogelijk is. Maar je moet toch zoveel dagen moet je aan die wand hangen. Dus je hebt, wat heb je nodig? Reken maar op drie liter water per persoon per dag. Je moet eten meenemen en je moet natuurlijk spullen hebben om te overnachten. Dus een matje en een slaapzak. Nou, dat gaat allemaal hierin. Ik vind hem nu al best zwaar. Hoeveel kilo past erin? Ja, reken maar ongeveer op 30 tot 40 kilo wat je mee moet nemen. Ja, ja en dat gaat dan allemaal mee de lucht in. Ja, moet je allemaal mee naar boven nemen. Nou inpakken dan. Wij zijn er klaar voor. Nou, ik heb er zin in. Kijk, daar komt het tentje. Oh, ik ben nu al trots. Goed. Nou dan de rest van de spullen. Ja, laten we het kamp hier gaan opbouwen. Slaapzakkie. Je zit natuurlijk altijd vast aan een touw. Dat vergeet je soms. Ja, je zit blijft. Ja, constant blijf je dan vast aan het touw zitten. Ja, even kijken of ik hier kan slapen. Het was een mooie klim. Zeker.