Hoe rolschaatsdansen een sport voor iedereen werd

Two, three, four, five, six, seven, eight. O ja, en dan stop. One, two, three, four, five, six, seven, eight. Ik vind het wel echt superleuk maar je moet oefenen, oefenen en nog eens oefenen. Klopt. In de tijd dat de rolschaatsbanen populair werden was er in Amerika een grote ongelijkheid tussen witte mensen en mensen van kleur. De rolschaatsbanen waren voor mensen van kleur niet vrij toegankelijk. Zij moesten dan naar hun eigen 'skating rinks'. Later mochten zij 1 keer per week tijdens de zogenaamde black night op de witte baan komen. Maar tegen deze ongelijkheid kwam weerstand. De rolschaatsbaan werd juist een plaats waar mensen van kleur streden om gelijk behandeld te worden. En zo ontwikkelde zich een levendige zwarte rolschaatscultuur. In de jaren 70 en 80 kwam de discomuziek op. En het duurde niet lang voordat dit verplaatste naar de rolschaatsbanen, whoe! Rolschaatsdansen werd een echte community waar iedereen welkom is, ongeacht kleur of geslacht. Het gaat vooral om het samenkomen. Dat doen ze op plekken als deze hier in Amsterdam. En ook op verschillende evenementen. En waarom? Nou ja, om elkaar die moves te leren. Via social media houden rolschaatsdansers, wow elkaar op de hoogte van dit soort jams. En niet alleen hier in Amsterdam, maar in steden over de hele wereld. Tijdens de coronaperiode heeft rolschaatsen een enorme boost gekregen. Want sporten in de buitenlucht was een van de weinige manieren om samen te komen. En rolschaatsdansen is daar natuurlijk perfect voor. Dit is meer mijn ding. Woehoe! Ah!