Clipphanger

Goed nieuws: ‘Ik heb me proefwerk gehaald’ en trouwens ‘me leraar is vet irritant’. In de spreektaal valt dit misschien niet zo op, ja, behalve je leraar, maar uitgeschreven vinden veel mensen het uitgesproken irritant. ‘Me proefwerk’ is dan ook niet correct, dat moet ‘mijn proefwerk’ zijn. En ik kan het weten, want het is mijn proefwerk. Het woordje ‘me’ is vooralsnog geen bezittelijk voornaamwoord. Het kan wel een persoonlijk of wederkerend voornaamwoord zijn: ‘de leraar vroeg ME of ik ME verveeld had tijdens het maken van MIJN proefwerk’. Dat mooie woordje ‘mijn’ is het enige bezittelijk voornaamwoord dat aangeeft dat iets echt van mij is. En als ‘mijn’ jou te lang is mag je ook ‘m’n’ schrijven. ‘M’n proefwerk ging de mist in, want ik kon m’n ‘me’ en m’n ‘mijn’ niet uit elkaar houden.’ En het is ook verwarrend, want je hebt het dus wel over ‘je leraar’, maar niet over ‘me leraar’. Alleen ‘mijn leraar’ is goed. Vraag dat maar aan m’n leraar.