Afleveringen (304)

Meer afleveringen

Meer video's (30)

Clipje uit Studio Snugger
Clipje uit Studio Snugger
Is het snugger? Of is het kletspraat? We zullen het zien. Lezen bij weinig licht is slecht voor je ogen. ’s Avonds in bed nog even een stukje lezen. Veel kinderen vinden dat heerlijk. Mar pas op, als je met weinig licht leest moeten je ogen extra hard werken. De pupil in je oog wordt dan heel groot. Het kost je ogen veel meer moeite om de letters scherp te zien. Wanneer je dat avond na avond doet, kunnen je ogen beschadigingen. Niet voor niets dragen kinderen die veel lezen, vaak een bril. Wil je voor het slapen nog even lezen, zorg dan dat je genoeg licht hebt. Snugger! Goed nieuws voor boekenwurmen: je kunt gewoon blijven lezen in bed zonder je ogen te beschadigen. Ook wanneer je al had moeten slapen en je stiekem met een zaklamp onder de dekens leest. Je ogen moeten wel iets harder werken. Aan de ene kant willen je ogen zoveel mogelijk licht doorlaten om goed te kunnen zien. Aan de andere kant willen je ogen zich goed concentreren op de letters in je boek, zodat je scherp ziet. En dat is vermoeiend. Maar je hoeft er niet per se een bril voor te dragen. Gelukkig maar. wat je beter niet kunt is op een telefoon of tablet spelen voor je gaat slapen. Door het licht denken je hersenen dat het nog geen bedtijd is. Hierdoor val je minder goed in slaap. Pas als het donker is, geven je hersenen een stofje af waardoor je moe wordt. Zo val je beter in slaap. Beter is dus om lekker ouderwets een boek te lezen en dan te gaan slapen. Zo zit dat dus. Tot de volgende keer bij Studio Snugger!
Clipje uit Studio Snugger
Clipje uit Studio Snugger
Is het snugger of is het kletspraat? We zullen het zien. Kunnen ninja's zichzelf echt onzichtbaar maken? Ja! Een echte injna kan zichzelf onzichtbaar maken. En wie bent u dat u dat zo goed weet? Dat kan ik niet zeggen. Een echte ninja verraadt nooit zijn naam. Natuurlijk. Maar dat onzichtbaar maken, zouden we daar een kleine demonstratie van kunnen krijgen? waar is ie gebleven? Daar! Daar is ie, ongelooflijk! Dat zwarte pak, dat pak van mij is ook zwart, dat wil ik ook wel even proberen. Let op! Huh? Jullie zijn gewoon met zijn tweeen. U kunt zich helemaal niet onzichtbaar maken. U verstopt zich en hij komt tevoorschijn. Het is kletspraat! Kletspraat? Maar hoe zit het dan wel? Ninja's zijn zwartgeklede mannen die snel en handig iemand kunnen uitschakelen. Dat gebeurt niet alleen in films; ninja's bestaan echt. Maar wel een beetje anders dan in de film. Ze dragen namelijk geen zwarte kleren maar juist onopvallende kleren zodat ze niet opvallen. ook klimmen ze niet zomaar een muur op of een raam in, maar wandelen ze gewoon ergens rustig naar binnen, alsof ze er thuis horen. Dat valt ook niet op. De kunst die de ninja's beoefenen is al honderden jaren oud. Ze noemen dit: ninjutsu. De kunst van het verbergen. Ninja's konden erg goed spioneren. Ze konden ergens lopen zonder dat iemand ze hoorde. Dat leerden ze van vader op zoon. Vaak begon de training al als de jongen zes jaar oud was. Als ze oud genoeg waren konden ze meedoen aan oorlogen. Gelukkig zijn er nu minder oorlogen dan vroeger dus ze zijn niet meer zo nodig. Er zijn daardoor steeds minder ninja's en over een paar jaar zien we ze alleen nog maar in films. Maar als jouw vader of moeder nog wat goede ninjatechnieken kent kun jij met die traditie doorgaan. Zo zit dat dus. Tot de volgende keer bij Studio Snugger.
Clipje uit Studio Snugger
Clipje uit Studio Snugger
Is het snugger? Of is het kletspraat? We zullen het zien. De meeste knoppen in een cockpit zijn nep. De piloten zitten in de cockpit voor in het vliegtuig. Hij wordt omringd door meer dan 250 knoppen. Vroeger waren al die knoppen nodig om het vliegtuig de lucht in te laten gaan. De piloot wist precies waar elke knop voor was. Tegenwoordig worden er nog maar een paar knoppen gebruikt. De rest regelt de automatische piloot. Dat is een computer die laat het vliegtuig opstijgen, zorgt dat het in de goede richting vliegt en daarna weer entjes landt. Het enige wat de piloot hoeft te doen is de computer aanzetten en de bestemming invoeren. Toch zijn alle knoppen in de cockpit gebleven. Passagiers vinden het namelijk leuk om te zien hoe de cockpit er vroeger was. Zo lijken de piloten extra stoer. Kletspraat! Kletspraat? Maar hoe zit het dan wel? De hele dag boven de wolken zijn, wie wil dat nou niet? Misschien wil jij later ook wel piloot worden. Dan moet je geen hekel hebben aan school, want als piloot moet je veel weten en veel kunnen. Dat moet ook wel want een piloot bestuurt een vliegtuig met honderden mensen aan boord en die willen natuurlijk veilig op hun vakantiebestemming aankomen. Op de pilotenschool ga je veel vliegen, maar niet alleen in de lucht. Voordat je echt mag vliegen moet je eerst oefenen in een vliegsimulator. Dat is een apparaat dat de bewegingen van een echt vliegtuig in de lucht simuleert, oftewel nadoet. De cockpit is helemaal nagebouwd en het vliegtuig reageert net zoals het in de lucht zou doen. Zo kun je fouten maken zonder dat het gevaarlijk is of voor de grap je vliegtuig op zijn kop te laten vliegen. Tegenwoordig vliegen piloten vaak op de automatische piloot. Het vliegtuig weet dan zelf hoe het moet vliegen en de piloten hoeven alleen maar op te letten dat alles goed verloopt. Dat klinkt heel simpel maar je moet goed opletten. Want er kan ineens iets gebeuren waardoor je zelf moet sturen. Als piloot ben je niet alleen bezig met vliegen. Je praat ook met mensen op het vliegveld. Dat is heel belangrijk vooral bij het opstijgen en landen. Want zonder deze mensen zou je zomaar een botsing met een ander vleituig kunnen krijgen. Vraag de volgende keer als je in een vliegtuig zit maar even of je in de cockpit mag kijken. Zo zit dat dus. Tot de volgende keer bij Studio Snugger!
Clipje uit Studio Snugger
Clipje uit Studio Snugger
Is het snugger? Of is het kletspraat? We zullen het zien. Hoe werkt een bliksemafleider? Wat moet ik hiermee? Gewoon opzetten, zoals ik kijk. Let op. Even hier gaan staan. En nou? Wat gebeurt er als ik de bliksem aantrek? Dan gaat de bliksem door mij heen, de grond in. Levensgevaarlijk. Maar wat gebeurt er als je dit met zijn tweeën doet? Dat weet ik niet. Dan gaat ie naar jou toe, naar mij, naar jou, naar mij, pats precies tussen ons in. Wat was dat? Dit was een blikseminslag, precies tussen ons in. Maar het kan toch niet onweren in de studio? Je bent geslaagd! Ik heb een diploma voor je. Dat is een beetje veel eer want ik heb alleen maar… de bliksem afgeleid, je bent officieel een bliksemafleider! Kletspraat! Kletspraat? Maar hoe zit het dan wel? Sommige mensen zijn doodsbang voor onweer. Anderen genieten juist van het spektakel van donder en bliksem. Elke seconde schiet ergens op de wereld een bliksemschicht uit de lucht. Zo’n bliksemschicht kan wel 30.000 graden worden. Dat is vijf keer zo warm als de buitenkant van de zon. Een bliksem kan ook inslaan, dat gebeurde hier in deze boerderij. Heel soms worden ook mensen geraakt door de bliksem. Dat is heel gevaarlijk, maar de kans is erg klein. Hoewel, in Amerika woont een man die al zeven keer door de bliksem is geraakt. Een echte pechvogel. Of juist een geluksvogel want hij heeft het al zeven keer overleefd. Mocht het gaan onweren, denk dan aan de volgende tips. Tip 1: ga niet ergens staan of lopen waar je boven de omgeving uitsteekt, zoals een weiland of een meer. Zwemmen tijdens een onweersbui is dus ook geen goed idee. Tip 2: ga niet naast of onder uitstekende dingen staan, zoals een boom of een lantaarnpaal. Wacht dus maar met het maken van een boomhut tot het mooi weer is. Tip 3: als het heel plotseling gaat onweren, maak je dan zo klein mogelijk. Ga gehurkt zitten en zet je voeten dicht bij elkaar. Binnen ben je altijd veilig en kan je met een gerust hart genieten van de show die moeder natuur aan je geeft. Zo zit dat dus. Tot de volgende keer bij Studio Snugger!
Clipje uit Studio Snugger
Clipje uit Studio Snugger
Is het snugger? Of is het kletspraat? We zullen het zien. Hoe kun je het weer voorspellen? Daar is het antwoord al! Nou, zegt u het maar. Je kan het weer voorspellen door een ballon op te laten. We hebben een meetapparaatje. Met dat meetapparaatje maken we vast aan de ballon, de ballon gaat de lucht in en het meetapparaat zendt dat naar beneden en zo weten wij wat voor weer het wordt. Nou, laat maar eens zien dan. Ik heb het toch net verteld? Ja, maar zo werkt dat niet bij Studio Snugger. Als er iets verteld wordt, willen wij zien of het echt waar is. Weet je wat, ik doe het zelf wel. Meetapparaat, maak ik het ballonnetje eraan vast, even kijken of het waar is. Hoppakee! Nee, dat werkt dus niet! Nee, wij gebruiken een veel grotere ballon. U gebruikt een grotere ballon, geloven wij ook helemaal. U mag gaan meneer, het is kletspraat! Snugger! Is het echt waar? Daar wil ik meer over weten! Gaat het morgen regenen of schijnt de zon? Hoe hard gaat het waaien en kunnen we zonder jas naar buiten? Allemaal vragen die te maken hebben met de weersvoorspellingen. Op de grond kunnen weerdeskundigen van alles meten. Maar voor een echt goede voorspelling zijn er ook metingen vanuit de lucht nodig. Aan de soort lucht kun je zien wat voor weer het de komende dagen wordt. Daarvoor worden weerballonnen gebruikt. In Nederland wordt elke nacht precies om 12 uur een ballon opgelaten. Altijd vanaf dezelfde plek. Aan zo’n weerballon hang een apparaatje dat van alles meet. Hoe hard het gaat waaien, of er regen aan komt en hoe warm het wordt. In de lucht wordt de ballon groter en groter. En pas als ie metersgroot is knapt de ballon. Dan komt ie met een parachuutje weer naar beneden. Als je geluk hebt, kun je zo’n weerballon dus wel eens tegenkomen op de grond. En als je het apparaatje dat aan de ballon hing gevonden hebt is het weerstation heel blij als je het teruggeeft. Weerballonnen hebben ook wel eens voor verwarring gezorgd. Mensen denken soms dat ze een ufo zien. Maar dat blijken gewoon weerballonnen. Als je een keer wat geks in de lucht ziet, is het misschien wel een weerballon. Zo zit dat dus. Tot de volgende keer bij Studio Snugger!
Clipje uit Studio Snugger
Clipje uit Studio Snugger
Dit is een telex. Tegenwoordig verstuur je berichten met het grootste gemak. Maar wilde je vroeger je tante in Amerika feliciteren met haar verjaardag en vond je het te lang duren om een brief te versturen, dan gebruikte je de telex. Een superhandig apparaat waarmee je bliksemsnel berichten verstuurde. Een paar tellen later kwam het er op een telexapparaat in Amerika er al weer uit. De postbode hoefde het alleen nog maar naar je tante te brengen. Nu maar hopen dat ze thuis is! Zou het waar zijn? Snugger! Is het echt waar? Daar wil ik meer over weten. Heb je zin in ijs? Dan stuur je je vader die boodschappen aan het doen is een berichtje. Dat bericht komt meteen aan, dat is heel normaal. Vroeger ging dat wel anders. Voordat computers en telefoons bestonden, gebruikte men de telex. Een telex is een soort typmachine met een afstandsbediening. Je typte je berichtje op een typmachine en verstuurde het naar een telex op een andere plek en daar kwam je berichtje dan uit. Maarja, even snel laten weten datje bij een vriendin gaat spelen kon niet. Laten kwam de fax. Hiermee kon je sneller berichten naar iemand sturen. Die kwamen dan uit de fax rollen. Een soort printer van berichten. Ook kon je er foto’s mee sturen. Dat kon een telex weer niet. Dus gingen steeds meer mensen de fax gebruiken. Nu worden de telex en de fax bijna niet meer gebruikt. Tegenwoordig stuur je veel makkelijker en sneller berichtjes met je telefoon of je stuurt een e-mail. Mailen kan sinds 1971. Misschien waren je ouders nog niet eens geboren. Inmiddels zijn er meer dan 4 miljard e-mailadressen. Misschien heb je zelf ook een e-mailadres en een eigen wachtwoord. 123456 is het meest gebruikte wachtwoord van de wereld. Niet zo snugger dus om dat als wachtwoord te kiezen.
Clipje uit Studio Snugger
Clipje uit Studio Snugger
Dit is de eerste bank. Bij een bank komen mensen om geld te lenen en wordt er geld van mensen bewaard. De eerste bank staat hier, in dit park. 100 jaar geleden zaten twee mannen elke middag op dit bankje. Een vriend kwam eens geld van ze lenen. Twee dagen later bracht hij het terug met een extra geldstuk als dank. Dat bracht de mannen op een idee. Mensen konden voortaan geld lenen bij 'de bank'. Ze moesten er altijd iets extra's voor teruggeven. Het werd een succes. Er kwamen zoveel mensen dat er een kantoor gebouwd moest worden. 100 jaar later bestaat de bank nog steeds. Maar ooit begon het hier, met dit bankje. Kletspraat! Kletspraat? Maar hoe zit het dan wel? Banken bestaan inderdaad al langer dan honderd jaar. Nu zijn er in Nederland heel veel verschillende banken. Bij een bank kun je een rekening openen. Op je rekening stort je geld. Je maakt geld over van de ene rekening naar de andere. Of je brengt geldbriefjes en munten naar de bank. Dan kom het op jouw rekening. Als je een baan hebt, krijg je je geld ook op jouw bankrekening gestort. Bij een rekening hoort ook een pinpas. Met een pinpas kun je betalen in winkels. Of geld uit de muur halen. Dan stop je de pinpas in een machine van de bank. Je toets je pincode in. Dat is nodig, anders kan iedereen met het pasje geld halen. Je moet altijd opletten dat er niemand stiekem meekijkt bij het intoetsen van de pincode. En geef ook nooit de pincode aan anderen. Als je de goede pincode hebt ingevoerd, kun je kiezen hoeveel geld je wilt halen. Bijvoorbeeld 20 euro of 100 euro. De bank controleert daarna razendsnel of jij wel genoeg geld op je rekening hebt. Als je genoeg geld op je rekening hebt staan, komen de briefjes geld uit de automaat naar buiten. De machine geeft automatisch de juiste hoeveelheid briefjes. Handig he, zo’n pinpas!
Meer video's